De specialiteit van Sport IT is leveren van sportkledij op maat. Dit wil zeggen dat het uitzicht van ieder kledingstuk door de klant kan gekozen worden. De meest eenvoudige manier om dit uit te leggen is: alles wat je kan printen op een blad papier, kan op de kledij gezet worden. Hoe gaat dat dan in zijn werk?


Stap 1 : de ontwerp fase
Voor vele sporten hebben wij een gamma aan kledingstukken als vertrekbasis. Een wielertruitje, een loop truitje, een tennis polo, een padel rokje, of zelfs een ski jas. Die vertrekbasis is eigenlijk een patroon en de keuze van de stoffen. Veel van onze kledingstukken hebben specifieke technische stoffen als basismateriaal. Denk aan waterdoorlaatbaarheid, rekbaarheid,… Al deze stoffen hebben 2 gemeenschappelijke kenmerken: ze zijn volledig wit en het zijn kunststoffen. Om het even eenvoudig te houden: polyester gebaseerde stof. Uiteindelijk zullen deze patronen “uitgeknipt” worden (met een laser) uit alle geselecteerde stoffen en aan elkaar genaaid worden tot een kledingstuk. Dit zou dus resulteren in een volledig wit kledingstuk.
De belangrijkste stap in de ontwerp fase is dus bepalen hoe het kledingstuk er uiteindelijk zal uitzien. Wat komt er op het kledingstuk. De wensen van de klant (kleuren, logos,… ) worden in een computer file aangemaakt.
Stap 2: de print fase
Jawel, dit mag letterlijk geïnterpreteerd worden. Die file wordt naar speciale printers gestuurd . Zo “speciaal” zijn die printers op zich ook niet. Het zijn inkjet printers, met speciale inkt en speciaal papier. Printers die groot genoeg zijn om volledige kledingstukken te kunnen printen in de juiste patronen. Ieder truitje of iedere broek wordt dus individueel afgeprint. 4 kleuren inkt worden gecombineerd: zwart, geel, rood en blauw. Net zoals bij een gewone inkjet printer . “Witte inkt” komt daar niet bij kijken. Wat wit is op het eind resultaat, is dus de witte stof die gebruikt werd.


Stap 3: de “knip” fase
De patronen worden vervolgens uitgeknipt uit de witte stukken stof. Theoretisch zou dit met een schaar kunnen, maar tegenwoordig wordt dit gedaan door nauwkeurige laser apparaten. Het resultaat van deze fase is dus een puzzel van patronen. Op dit moment nog steeds volledig witte stukken stof.
Stap 4: de sublimatie fase
De techniek die gebruikt wordt om het patroon dat op papier geprint werd over te zetten naar de stof heet “sublimatie”. Zonder in de technische details te gaan komt het proces hierop neer dat de witte stof en het bedrukte papier op elkaar gelegd worden, waarna deze opgewarmd wordt voor een bepaalde tijdsduur en onder druk gezet wordt. De speciale inkt “verdampt” en zet zich vast in de kunststof vezels van de stof. De inkt wordt dus niet “op” de stof geprint, maar in de stof opgenomen. Daardoor kan je deze er ook niet “uitwassen”.
Gesublimeerde delen van je kledij kan je altijd herkennen door naar de achterkant van de stof te kijken. Deze is nog altijd “wit”. Bij stoffen die “gekleurd” zijn in kleurbaden is zowel de voorkant als de achterkant gekleurd.
De “knip” en de sublimatie fase kunnen ook omgekeerd uitgevoerd worden. Eerst sublimeren op de witte stof en die dan pas uitknippen.
Stap 5: de assemblage fase
Als laatste stap worden deze uitgeknipte en gesublimeerde patronen stuk per stuk, manueel aan elkaar gezet. Meestal genaaid, maar er zijn ook andere technieken mogelijke voor specifieke toepassingen. Het eindresultaat: een kledingstuk!